De onbereikbare essentie

De beste reis is er een waarna je jezelf anders bekijkt. Wat ik op m’n blog schrijf vertelt in feite meer over mij dan over mijn bestemming. Dat schreef ik al fronsend in een brief terwijl boven mij de regen zachtjes tokkelde: er lag een zeil over de binnenplaats van het koloniale huis waar we verbleven in Arequipa. Het liep tegen de avond, dat moment waarop het bewolkte grijs ongemerkt overgaat in schemer. Ik begon in te zien dat het mooie verhaaltje dat ik had willen schrijven over Peru niet bestond.

Een paar uur eerder waren Birgit en ik op verkenning in Arequipa. De ochtendzon kleurde onze wangen en in mijn herinnering baadden de straten in de sepia-filter waarmee we ze fotografeerden. De Witte Stad ontleent haar bijnaam aan de vulkaansteen waaruit de Spanjaard haar optrok. De straten zijn smal en recht, als op een ruitjesblad. Wij waren warm en een beetje verdoofd na een nacht op de luchthaven. Om me dichter bij die andere tijd te voelen, probeerde ik met mijn verbeelding alle auto’s en elektriciteitskabels uit het straatbeeld te schrappen. Alle sporen van het heden verstoorden mijn verbinding met die tijd waarin het Santa Catalinaklooster uitgroeide tot een stad binnen de stad – alle Spaanse families stuurden er hun dochters heen; die tijd waarin bloemkoolwolkjes waren vastgelijmd aan een blauwe hemel.

Toen ik onder het rikketik van de regen wat wilde gaan schrijven over Peru, vertrok ik vanuit de clichés die ik met me had meegenomen uit België. Voorgekauwde beelden als de imposante natuur, de vrolijke en pure ingesteldheid van de mensen, de felle kleuren, het rijke verleden, en natuurlijk de lama’s vulden menig kaartje. Met mijn blog nam ik me voor om de mensen thuis een idee te geven van waar het in Peru nu juist om draait, van wat Peru ís. Maar na de clichés volgde een groot vraagteken. Kan ik hoegenaamd wel iets over Peru schrijven, dacht ik, als ik hier amper drie weken ben. Wat heb ik het recht, als onwetende buitenstaander, om te denken dat ik dit land even zou kunnen samenvatten. Zou ik België zelfs kunnen samenvatten, was de volgende vraag, het land waar ik, waar mijn ouders en grootouders, waar mijn grootouders’ ouders, zijn geboren en getogen? Het antwoord is nee. De vraag naar de essentie van een land is onmogelijk te beantwoorden. Door mij niet, niet door tien experts, door niemand. We kunnen onze visie op de essentie geven, maar niet de essentie zelf.

Dat niet iedereen die mening deelt is wel duidelijk. Terwijl in het menselijk lichaam de meeste cellen minstens om de tien jaar vernieuwen, zijn er mensen die beweren dat volksidentiteit onveranderlijk is. Het zijn meestal dezelfde mensen die een pacht nemen op de invulling van die identiteit en die enig alternatief of verandering afschrijven als bedreigend. Populistische strekkingen houden van essentialisme omdat het een veelstemmige realiteit herleidt tot eenduidige slogans. Om deze claim kracht bij te zetten wordt de autoriteit van het verleden aangeroepen: ‘vroeger’ was alles beter. Om het heden te beheersen wordt de tijd stilgezet.

Ieders ervaring is anders. De verschillen tussen mijn perceptie en de jouwe, lezer, zijn van onkenbare grootte. Wie kan bijvoorbeeld weten of de kleur die wij beiden  categoriseren als rood, er wel hetzelfde uitziet in jouw hoofd als in het mijne. En dan hebben we het nog niet eens over complexe materie. Wat ís Peru nu eenmaal, wat ís België, anders dan een samenraapsel van visies, van hoe al de mensen die ermee in aanraking komen het op hun manier ervaren? Het bevoordelen van één visie op al de rest gebeurt steeds met een politieke agenda. Identiteit is een constructie, die in de eerste plaats definieert wie er niet bij hoort.

Kan ik ook maar iets zeggen over Peru, al ben ik hier maar drie weken? Ik besluit van wel. Maar wat ik ook schrijf over Peru, het zal altijd vertrekken van wie ik ben en waar ik vandaan kom. Erkennen dat mijn blik nooit de enige juiste is, maar altijd gekleurd en fragmentarisch, is het meest authentieke, waarachtige en respectvolle wat ik kan doen. Exact hetzelfde geldt voor eender wat ik schrijf over België, hoeveel groter mijn voorkennis ook is. Omgekeerd: kan een nieuwkomer ook maar iets zeggen over België, zelfs als h/zij hier nog maar drie weken is? Ik besluit van wel, omdat ik geloof dat een land verrijkt wordt door al deze diverse visies, net zoals een taal wordt verrijkt door alle mensen die haar spreken. Elke spreker, elke passant, voegt iets toe, en zijn we als het er op aankomt niet allemaal passanten?

De foto is van de trein- en wandelroute naar Machu Picchu, maar zou op vele andere plaatsen genomen kunnen zijn.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s